Aristoteles
Hoewel Aristoteles begon als leerling van Plato ontwikkelde hij een duidelijk eigen filosofie waarvan grote delen meer dan 20 eeuwen van grote betekenis bleven. Ook in deze tijd wordt nog veel naar hem verwezen.
|
Hij neemt expliciet
afstand van zijn leermeester Plato en diens 'Idee-istische' concepten
zoals hij aangeeft in zijn Ethica [E-A book1-vi] zie citaat
hiernaast:.
|
'
Perhaps we had better examine the universal (Good), and consider
critically what is meant by it; Athough such a course is awkward, because
the Forms were introduced by friends of ours. Yet surely it
would be thought better, or ratther necessary (above all for philosophers)
to refute, in defense of the thruth, even views to which one is attached;
since although both are dear, it is right to give preference to the thruth. ' |
Aristoteles argumenten tegen Plato's ideeën-leer kunnen als
volgt samengevat worden:
1. Individuen zouden mens genoemd worden op basis van één mens die naast die
individuen, ervan gescheiden enig eeuwig het idee mens geeft. Begrippen
corresponderen niet noodzakelijkerwijs met een apart soort dingen, //bv er
zouden in de ideeën wereld naast een algemeen mens , ook een man en een vrouw
moeten zijn, er zouden ook levende wezens moeten zijn met als kenmerk dat ze
levend wezen zijn//.
2. Plato had zelf al in Parmenides het argument van de derde man geformuleerd:
Als uit gelijkenis mag worden geconcludeerd tot het bestaan van een idee 'mens'
dan moet die gelijkenis op haar beurt berusten op een 'derde' mens.
3. Het postuleren van eeuwige en onveranderlijke ideeën geeft geen verklaring
voor de processen van verandering die de waarneembare werkelijkheid.
Aristoteles ontwikkeld zijn filosofie voor een
groot deel op basis van waarnemingen.
Hij onderscheidt in de filosofie 3 grote
gebieden:
Van uit zijn waarnemingen concludeert
Aristoteles dat er vormen van natuurlijke orde bestaan.
Zo "zoekt" een steen zijn natuurlijke
plaats als zwaar voorwerp zo laag mogelijk. Zaden ontwikkelingen zich tot bomen.
En de menselijke samenleving kent ook een soort natuurlijke orde.
| Zo definieerd hij ook een algemene hiërarchie. | |
| De hiërachie is opgebouwd uit soorten (species),
soorten behoren tot een klasse (genus). Soorten worden gedefinieerd door
hun klasse en de verschillen t.o.v. andere soorten in hun klasse. ((opgemerkt kan worden dat dit concept herkenbaar is in de systematiek die Linnaeus invoerde in 1735)) |
![]() |
| Alle lichamelijke substanties zijn iets
en zijn van iets gemaakt. |
||
| Vorm |
Materie |
|
| De vorm maakt het tot wat het is. Dit is de act, de actualisering van de potentie. |
materie kan verder bekeken worden to uiteindelijk water, lucht,
aarde en vuur. |
|
|
Veranderingen Parmenides
had het zijnde gedefinieerd als iets wat als zijnde niet kon veranderen,
anders zou het niet zijn. Daarmee had hij de ontologie gedefinieerd maar
dat denken geblokeerd. Aristoteles maakt voor het eerst
sinds Parmenides verandering kenbaar met een principe waarbij hij
een drager (hypokeimenon) van de verandering,
als zijnde stabiel laat zijn maar daarbij een ander "deel"/
hoedanigheid veranderlijk te laten. |
|
| Bij substantiële veranderingen is de drager de materie en veranderd het ding van vorm | (bv boom wordt tafel).Actualiteit Potentie Boom kan tafel worden. |
| Bij accidentele verandering is de drager de substantie (vorm en materie). Verandering is de realisatie, actualisering van een potentie als zodanig. Dit kan zijn: verandering van kwaliteit, kwantiteit en plaats. | voorbeeld van een Accidentele verandering: grijshaar zwart verven. |
|
|
|
Plato |
Aristoteles |
|
ontologie |
|
Participatie in transcendentale idee |
Immanente vorm, direct aanwezige, intrinsieke
relatie tot de werkelijkheid. |
|
kenleer |
|
Participatie van de ziel in herinnering |
Abstractie door
actief intellect van intelligibele vorm (species) uit sensibele vorm |
|
antropologie |
|
Mens = ziel Ziel heeft 3 delen Reïncarnatie en onsterfelijkheid |
Mens is ziel en materie De ziel heeft een passief (onbewuste handelen)
en een actief intelect.(menselijk kenvermogen). Het Actief intellect is onsterfelijk |
|
vorm |
|
transcendent |
immanent |
|
dualisme |
|
Lichaam - ziel |
Lichaam + passieve intellect. – actieve
intellect |